Weg van de schijnwerpers houdt de crisis aan

Na jaren van geweld in de Centraal-Afrikaanse Republiek werden recente verkiezingen gezien als nieuw begin. Dat lijkt maar de vraag. De crisis is uit de schijnwerpers, maar allesbehalve voorbij.

Er wordt gesproken over de Centraal-Afrikaanse Republiek met woorden als ‘stabieler’ en ‘genormaliseerd’. De plaats Bangassou is illustratief voor dit valse optimisme. In 2013 vluchtte de gehele bevolking voor aanvallen van rebellengroep Séléka. Inmiddels zijn de mensen terug, is er weer een lokale overheid en lijkt de vrede teruggekeerd. Lijkt. Want in juni werd een konvooi van Artsen zonder Grenzen buiten de stad overvallen door gewapende mannen. Een medewerker kwam om het leven.

 

Wurggreep

Rondom Bangassou, een plaats waar de kogelgaten in gebouwen herinneren aan het recente geweld, houden criminele bendes de streek in een gewelddadige wurggreep. Zij vallen dorpen aan, plunderen oogsten en ontvoeren mensen. Onze medische teams kunnen door de onveiligheid niet overal heen. Een geplande vaccinatieactie voor jonge kinderen kon daardoor niet doorgaan, terwijl kinderen door het aanhoudende geweld al tijden niet zijn ingeënt tegen veel voorkomende, dodelijke ziekten.

 

De wachtruimte van de medische hulppost in Mbalazime, Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR).

 

Afhankelijk van hulp

Door het hele land zijn nog regelmatig pieken van geweld en er zijn nog steeds enorme medische noden. Ongeveer 850.000 mensen zijn op de vlucht, in eigen land of over de grens. De helft van de bevolking, ongeveer 2,3 miljoen mensen, is nog afhankelijk van hulp om te overleven. De situatie in de Centraal-Afrikaanse Republiek is niet genormaliseerd. Wat is ‘normaal’, voor een land dat al decennia wordt geteisterd door conflicten? De problemen die er zijn, zijn nog lang niet opgelost.

 

Intensive care

En dat lijkt ook niet te gaan gebeuren. Het land heeft voor komend jaar slechts 28 procent van het totale benodigde hulpbudget beloofd. Volgende maand, tijdens een internationale donorconferentie in Brussel, zullen internationale partijen praten over hun toekomstige hulpactiviteiten. Ook die signalen zijn niet hoopgevend. Nu al beperken hulporganisaties hun activiteiten in het land om budgetredenen. Met alle gevaren van dien. ‘Als dit hele land een patiënt zou zijn, zouden we zeggen dat het misschien uit de operatiekamer is, maar nog steeds op de intensive care ligt,’ zegt landencoördinator Emmanuel Lampaert. ‘Deze patiënt nu ontslaan, zal tragische gevolgen hebben.’

 

'Op zijn derde werkdag moest hij twaalf operaties in 24 uur uitvoeren'

 

Stampvol

In Mbalazime, een dorp op twaalf kilometer van Bangassou, is een door Artsen zonder Grenzen ondersteunde hulppost stampvol. Bij de ingang hangt een bord waar met grote letters ‘CARE IS FREE’ op staat. Dat maakt hier veel uit. Een bezoek aan een privékliniek kost omgerekend al snel zes euro. Voor dat geld kan een gezin ook een baal rijst kopen, genoeg voor een hele maand eten.

 

Urgent

Deze gratis hulpposten kunnen het aantal patiënten nauwelijks aan. Er is te weinig medisch personeel, te weinig medische voorraden. In Bangassou heeft Artsen zonder Grenzen een ziekenhuis met 118 bedden. Chirurg Osmar Sosa Del Toro werkt er net. Op zijn derde werkdag in het project moest hij twaalf operaties in 24 uur uitvoeren. Allemaal even urgent.

 

Kinderarts Ilaria Moneta onderzoekt een patiëntje op de kinderafdeling van het ziekenhuis van Artsen zonder Grenzen in Bangassou, Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR).

 

Vicieuze cirkel

Aan de overkant van het ziekenhuisgebouw, in het voedingscentrum op de kinderafdeling, loopt kinderarts Ilaria Moneta haar rondes. Ondervoeding is een chronisch probleem en vaak het gevolg van andere ziekten. Soms is er wel degelijk eten, maar lukt het ouders niet om een ziek kind te laten eten. Dat kind komt dan in een vicieuze cirkel terecht: te ziek om te eten, door ondervoeding verzwakt, door verzwakking weer ziek.

 

Bevolking bijstaan

Zo ploetert de Centraal-Afrikaanse Republiek door. En krijgen talloze mensen, met enorme medische en humanitaire noden, niet de internationale aandacht die zij verdienen. Onze medische teams blijven werken door het hele land, om medische zorg te geven, maar ook om de bevolking bij te staan die gevangen zit in deze aanhoudende crisis.

 

In 2013 escaleerde in de Centraal-Afrikaanse Republiek een politieke crisis in een gewelddadig conflict. Sindsdien heerst er chaos en geweld. De al fragiele gezondheidszorg is daarbij grotendeels ingestort. Ruim 70 procent van alle gezondheidsinstellingen zijn beschadigd of verwoest en er is een tekort aan medisch personeel.

 

November 2016

Sluit zoeken

Zoekveld